Clip: hoe noteren we tussenstappen bij bewerkingen in Rekenroute?

Het gebruik van wiskundige correcte notaties bij bewerkingen zorgt voor een doorgaande lijn van het eerste tot en met het zesde leerjaar. We kiezen in Rekenroute voor een notatie in lijn met de nieuwe minimumdoelen en leerplannen. In dit artikel focussen we op de eerste graad. 

Graag een filmpje? Bekijk dit onderwerp via Clips voor leerkrachten:

 

Splitsen

Alles begint met vlot splitsen van getallen tot 10.  

De splitsing stellen we in leerjaar 1 schematisch voor met splitsbeentjes. 

De splitsing is noodzakelijk om optellingen en aftrekkingen met brug te kunnen oplossen. 

 

Aftrekken zonder brug

In dit voorbeeld tonen we het aftrekken zonder brug. 

 

 

  1. Ik trek 12 af van 14. 
  2. Ik trek eerst 10 af. Daarvoor splits ik 12 in 10 en 2. 
  3. Ik noteer dit als 14 – 10 – 2.  
  4. Dan trek ik 10 af van 14 en noteer de tussenstap 4 –2. 
  5. Ik noteer het verschil 2. 

De grijze tussenstap kan weggelaten worden als een leerling daar klaar voor is, daarna kan ook de eerste tussenstap weg. 

Optellen met brug

En nu een voorbeeld van optellen met brug. Ik tel 5 op bij 7. 

 

 

  1. Ik vul eerst aan tot 10. Daarvoor moet ik 3 bij 7 doen. 
  2. Ik splits dus 5 in 3 en 2. 
  3. Ik noteer dit als 7+3+2. 
  4. Dan tel ik 7 en 3 op en noteer ik de tussenstap 10 + 2. 
  5. De som is 12. 

Je kunt in de eerste tussenstap eventueel haakjes aanbrengen om aan te tonen hoe je tot de tweede tussenstap komt.
Net zoals bij de aftrekking bouw je de tussenstappen geleidelijk af. 

Aftrekken met brug

En dan nu een voorbeeld van aftrekken met brug. 

 

 

  1. Ik trek 7 af van 14. 
  2. Ik trek eerst af tot 10. Daarvoor moet ik van 14 er 4 wegdoen. 
  3. Ik splits dus 7 in 4 en 3. 
  4. Ik noteer dit als 14-4-3. 
  5. Dan trek ik 4 van 10 af en noteer de tussenstap 10 –3. 
  6. Het verschil is 7. 

Ook hier kun je in de eerste tussenstap eventueel haakjes aanbrengen om aan te tonen hoe je tot de tweede tussenstap komt.  Tussenstappen bouw je geleidelijk af. 

 

Optellen tot 100 met brug

Nu tot 100. 

 

 

  1. Ik tel 47 op bij 36. 
  2. Daarvoor splits ik 47 in tientallen en eenheden. 
  3. Ik noteer dit als 36 + 40 + 7. 
  4. Eerst tel ik de 40 erbij. Dat is 76. 
  5. Daar tel ik nog 7 bij. 
  6. Ik vul eerst aan tot 80. Daarvoor moet ik 4 bij 76 doen. 
  7. Ik splits dus 7 in 4 en 3. 
  8. Ik noteer dit als 76 + 4 + 3  
  9. Dan tel ik 76 en 4 op en noteer de tussenstap 80 + 3. 
  10. De som is 83. 

Zodra de leerling er klaar voor is, laat hij steeds meer tussenstappen weg. 

Tip van het Bingelteam

In onze vernieuwde handleiding vind je steeds de nodige ondersteuning terug.

Tip van het Bingelteam

Om leerlingen zelf te laten nadenken over de tussenstappen, bouwen we de voorstructurering geleidelijk af. Leerlingen noteren vrijwel meteen de volledige bewerking en tussenstappen zelf. De hulplijntjes maken later plaats voor ruitjes. Vanaf de tweede graad zetten we ook een ruitjesschrift in zodat de leerling zelf kan kiezen welke tussenstappen hij wil noteren.