Wat is de functie van het bronnenboek in Wereldwijzer?

Vanaf de tweede graad helpt het bronnenboek leerlingen om kennis overzichtelijk op te bouwen, bronnen te raadplegen en leerstof gericht te studeren. 

In Wereldwijzer werken leerlingen vanaf leerjaar 3 met een werkschrift én een bronnenboek. In de eerste graad zitten opdrachten, teksten, kaarten en andere bronnen en visualisaties nog samen in één werkschrift, maar vanaf de tweede graad wordt dat opgesplitst.  

 

Het werkschrift is de plek waar leerlingen actief aan de slag gaan met opdrachten, markeringen en verwerkingen, terwijl het bronnenboek alle overige teksten, bronnen en visualisaties bundelt. Zo krijgen leerlingen meer overzicht en kunnen ze gerichter werken met rijke inhoud.    

 

 

Tip van het Bingelteam

Het bronnenboek kun je bij Taaltoer (of taal) gebruiken om voorkennis te activeren.

Werkschrift en bronnenboek zijn natuurlijk mooi op elkaar afgestemd. In het werkschirft staan paginaverwijzingen naar de juiste pagina’s in het bronnenboek.

 

Het Onthoud-kader vat de kern van de les samen en helpt bij het studeren.

 

Het kader Wat heb ik geleerd? benoemt de leerdoelen op kindniveau. Dat kader verwijst ook door naar de samenvatting op het einde van het thema.